Voeding

Een konijn heeft net zoals een mens goede en gebalanceerde voeding nodig voor een goed werkende spijsvertering en darmflora. Hieronder worden verschillende soorten voeding weergegeven met daarbij extra informatie over hoe de voeding verantwoord kan worden toegediend. (bron:www.konijnen.nl)

Hooi     

hooi1

Het basisvoedsel van konijnen is hooi, hooi moet er altijd zijn. Hooi is om verschillende redenen het belangrijkste voedsel voor een konijn:

  • Het bevat vrijwel alle voedingsstoffen die een konijn nodig  heeft en zorgt voor een gezonde darmflora. 
  • Hooi wordt snel door de darmen gevoerd, dat is belangrijk voor een konijn want hierdoor krijgt hij een goede darmwerking, met weinig kans op verstoppingen
  • Doordat een konijn de hele dag op hooi kauwt, slijten de kiezen goed af en is er minder kans op haken aan de kiezen. Doordat de kiezen goed afslijten, slijten ook de voortanden goed af. 
  • Het kauwen op hooi geeft een konijn wat te doen. Ook stress reageert een konijn af door op hooi te kauwen.

Een handje hooi per dag is dus niet genoeg, hooi moet dagelijks in ruime mate gegeven worden. Een konijn moet 24 uur per etmaal hooi kunnen kauwen. Is het hooi allemaal opgegeten, dan moet het direct weer aangevuld worden met een nieuwe pluk hooi, ook al is de dag nog niet om. Wees met hooi nooit zuinig! Je kunt beter niet kiezen voor de pakjes stijf geperste hooi die bijv. bij supermarkten te koop zijn. Dit hooi is droog en dor en bestaat uit kleingesneden sprietjes. In dierenspeciaalzaken wordt ‘los hooi’ in plastic zakken verkocht. Dit hooi is langstelig en heel smakelijk en aantrekkelijk voor een konijn.

Hooi kan je het beste in een ruif of hooibal geven, zodat het niet met de bodem van het verblijf van het konijn in aanraking komt. Zo kan het konijn niet op het hooi plassen en heeft het altijd de beschikking over schoon en fris hooi.


Water    

water_voeding1


Water mag nooit ontbreken.
Nog steeds gaat de fabel rond dat konijnen geen water nodig hebben. Dit verhaal stamt uit de tijd dat konijnen voornamelijk gras gevoerd werden. Gras bevat enorm veel vocht, waardoor de water behoefte van een konijn sterk vermindert. De waterbehoefte is ca. 50 ml. per kg. lichaamsgewicht per 24 uur. Het ene konijn drinkt meer dan het andere, dit is ook afhankelijk van hoeveel groenvoer een konijn dagelijks krijgt. Hoe meer groenvoer gegeten wordt, hoe minder de waterbehoefte zal zijn, dit regelt een konijn zelf.

Een konijn mag dus nooit zonder water zitten, als een konijn 24 uur niets te drinken heeft, dan komt hij in de problemen omdat vochttekort ontstaat. Door vochttekort kan een konijn ook stoppen met eten. Hierdoor komt het dier in een razendsnelle cirkel omlaag. Zorg er dus altijd voor dat de waterbak of waterfles dagelijks gevuld wordt met fris, schoon water. In oud water ontstaat bacterie-groei, waardoor een konijn ziek kan worden.

Onze opvangdieren drinken allemaal uit een waterbak, dit heeft dan ook onze voorkeur.

Droogvoer    

selective

Droogvoer werd oorspronkelijk ontwikkeld voor laboratorium-konijnen en konijnen in commerciële houderijen voor vlees of bont. Deze konijnen moeten snel groot en op gewicht zijn en het droogvoer werd hierop afgestemd. Als je in de natuur kijkt, eten de konijnen geen droogvoer. Tegenwoordig is het droogvoer gelukkig beter op huiskonijnen afgestemd, met minder eiwitten en vetten en meer vezels. Maar weinig droogvoer laten eten en veel hooi blijft het beste dieet voor een konijn.

Biks heeft de voorkeur boven gemengd konijnenvoer. Het konijn zal eerst de lekkere dingen uit het voer eten, waardoor de biks blijft liggen. In biks zitten juist de voedingsstoffen die het konijn nodig heeft, om ‘gezond’ te eten. Nog een reden is dat gemengd voer veel koolhydraten bevat, en het geven van te veel van dit voer kan leiden tot blindedarmproblemen, met als gevolg de bekende kwaal van aangekoekte ontlasting. In aangekoekte ontlasting zal een vlieg zijn eitjes gaan leggen en hierdoor kan het konijn myasis (madenziekte) krijgen.


Groenten    

nijnen groente

Voorbeelden van goede groenten om te geven zijn: Andijvie, broccoli, venkel (heel weinig), bleekselderij (3 cm), selderieknol, koolrabi, witlof, veldsla, waterkers, boerenkool, paksoi, mosterdblaadjes, frambozenblaadjes,  paardenbloemblad, wortel en het loof van wortelen. Voor erbij een takje peterselie, takje selderie.

Er zijn in de natuur nog veel meer kruiden en planten die goed zijn voor konijnen. Jonge toppen van brandnetels bijvoorbeeld, een dag laten liggen om de brand eruit te laten gaan, zijn heel erg gezond voor konijnen. Wilde achillea is heel goed voor de spijsvertering, ook voor stoornissen. Wat wilde achillea iedere dag bij het groenvoer is geen slechte zaak. Weegbree kan met mate toegevoegd worden, (is erg eiwitrijk) omdat dit plantje een goede uitwerking heeft op de darmbeweging. Brandnetels zijn ook geschikt om gedroogd als hooi te geven, gemengd door het gewone hooi.

Slechte groenten 

verboden_groenten

Prei, ui, bieslook, bonen, erwten, mais, vaste kool, spruitjes. Veel klaver geeft ook problemen, net zoals veel nat gras. Met de grasmaaier afgemaaid gras mag nooit gegeven worden in verband met gistingsgevaar (trommelzucht), geplukt, met de hand gesneden of geknipt lang gras mag wel gegeven worden.

Als je een jong konijn na een paar dagen weken groente wilt gaan geven moet, dat opgebouwd worden. Opbouwen is heel belangrijk om diarree te voorkomen. Het opbouwen van groenvoer gaat als volgt: de eerste dag 1 stukje (bijvoorbeeld) andijvieblad ter grootte van een postzegel. De keutels van de volgende dag afwachten. Als die rond en stevig zijn, kan die dag een stuk andijvieblad ter grootte van twee postzegels gegeven worden. Weer de keutels van de volgende dag afwachten, als die goed blijven de groente verdubbelen.

Wordt groenvoer niet opgebouwd maar ineens gegeven dan kan een konijn heel erg aan de diarree raken. Vooral jonge konijntjes kunnen hieraan sterven.

LET OP: Het opbouwen van groenvoer is ook belangrijk voor een oud(er) konijn dat geen groenvoer gewend was.

Het is af te raden om maaltijden te laten bestaan uit grote hoeveelheden van 1 soort groente. Het beste kun je van ca 5 verschillende soorten groenten een klein beetje geven. Zo eet een konijn gevarieerd net zoals in de natuur, en is er minder kans op gasbuik. Meer soorten groenten en kruiden per voerbeurt dan 5 mag natuurlijk ook, als de hoeveelheid per soort maar klein blijft. Geen maaltijd basilicum, maar 1 takje. Geen bossen selderie, maar 1 takje. Geen maaltijd andijvie, geen maaltijd venkel. Enz. enz. Alle kleine hoeveelheden bij elkaar is toch een bak vol.